Menno Vloon.
Menno Vloon. Foto: Bjorn Paree

Na een virus nu blessure voor polsstokhoogspringerHet zit oud-Krommenieër Menno Vloon even niet mee

Algemeen

KROMMENIE - Hij zat heel lekker in z’n vel, miste tijdens wedstrijden bijna geen enkele finale, maar ineens ging het mis. Eerst gooide een virus roet in het eten van polsstokhoogspringer Menno Vloon. En daarna liep de oud-Krommenieër een vervelende blessure op. “Dit seizoen is voor mij voorbij, ik ga me nu richten op het komende indoorseizoen.”

Door Johan Lok

Menno Vloon is inmiddels 32 jaar en begon al met polsstokhoogspringen toen hij een jongetje van elf was. “Ik was bij Lycurgus in het begin weliswaar geen hoogvlieger, maar als C2-junior werd ik toch voor het eerst nationaal kampioen polsstokhoogspringen. In 2012 sprong ik voor het eerst over de 5 meter en datzelfde jaar mocht ik naar het WK junioren in Barcelona.”

In 2017 verbeterde Menno het Nederlands record en dat staat sindsdien nog altijd op zijn naam. De oud-Krommenieër, die momenteel in Zaandam woont, sprong 5.96 meter. En dat is wel een dingetje, zo vertelt hij, wanneer hij even een lichte training onderbreekt. “Ik wil dolgraag over de 6 meter heen, deel uit gaan maken van de zogenaamde 6 meter club. Dat is mijn doel.”

Voorlopig zit dat er echter nog even niet in. “We hadden wedstrijden in onder meer Oslo en Stockholm. En daar is het misgegaan. Wellicht hebben we een van die dagen iets verkeerds gegeten, want meerdere atleten hadden daarna last van een virus. Het leek een beetje corona-achtig. Ik was heel vermoeid en kon daardoor nauwelijks nog trainen. Als ik een half uurtje bezig was, schoot m’n hartslag gelijk omhoog. Het was eigenlijk heel raar, m’n lichaam voelde best wel goed, maar wilde absoluut niet wat ik wilde.”

Pas zo’n zes weken later zag Menno eindelijk weer kans om wat steviger te trainen en kon hij daardoor ook weer aan wedstrijden deelnemen. “Ik leef van de sport, dus dat was natuurlijk lekker.” Maar tijdens de eerste wedstrijd, namelijk het EK in Birmingham, ging het echter gelijk mis. In plaats van zich te mengen in de strijd om een Europese titel, ging het al tijdens de kwalificatie mis. “Ik kreeg kramp. Achteraf bleek er meer aan de hand te zijn, ik had namelijk een klein scheurtje in m’n hamstring. Dat was natuurlijk waardeloos. Zat ik langs de kant van de baan toe te kijken. Dat is me de afgelopen wedstrijden eigenlijk niet overkomen. Ik was lekker bezig en haalde iedere finale.”

Zijn opgave betekende niet alleen een eind aan het EK. “Ook gelijk aan dit seizoen. Ik heb alle wedstrijden die er nog stonden afgezegd en ga nu eerst maar even lekker op vakantie. Heerlijk genieten in Georgië. Daarna ga ik me richten op het komende indoorseizoen.”

Want stoppen is er voor Menno absoluut nog niet bij. “Nee joh, ik vind het nog veel te leuk. Daar komt bij dat aan de top het niveau aan het stijgen is en dat maakt de wedstrijden een stuk interessanter. Dat merk je ook aan het publiek. Er is steeds meer belangstelling voor het polsstokhoogspringen.”

Tja, en die 5.96 meter die nu al jaren staat, moet er natuurlijk ook aan gaan geloven. “Ik wil over de 6 meter heen. En dat moet gaan lukken.” Het Europese en wereldrecord is een heel ander verhaal. Dat staat op naam van de Zweeds/Amerikaanse atleet Armand Duplantis. “Hij sprong maar liefst 6.31 meter”, verzucht Menno. “Eerst maar eens over de 6 meter.”

En daar heeft hij nog even voor, want als zijn lichaam mee blijft werken, is Menno voorlopig ook nog niet van plan om te stoppen. “In 2032 zijn de Olympische Spelen in het Australische Brisbane. Daar zou ik nog wel bij willen zijn. Dan ben ik 38. Dat zou misschien nog net kunnen. We gaan het zien. En daarna? Dat gaan we wel zien. Voorlopig ben ik hopelijk nog niet uitgesprongen.”

De polsstokhoogspringer in actie.